Beschermengel

Het was maandagavond 27 september 2010 toen we na de warme maaltijd in de tuin van zorgcentra AMSTA nog een kop koffie dronken. Met een aantal mensen, waaronder Wil Blanken, Kees Scholten en een paar van het bedienend Horecateam werd er over van alles en nog wat gesproken, o.a stoppen met roken. ‘Ja je voelt je steeds meer crimineel als je er één opsteekt en tegelijkertijd staken we een nieuwe sigaret op. Na tienminuten wilde ik opstaan om naar mijn woning te gaan, maar ik kon mijn rechterbeen niet bewegen, er schoten ondraaglijke pijnscheuten door. Ik strompelde naar huis, waar het angstzweet mij uitbrak. In paniek belde ik de balie van Amsta, waar ik onmiddellijk met Kees werd door verbonden. ‘Hallo Wim , wat is dit !! , Houd je rustig ik kom er aan.’ Binnen twee minuten was hij er al, deed mijn schoenen uit en bracht mij naar bed. ‘Dit is niet goed ik bel gelijk een ambulance, je ziet lijk bleek en je rechterbeen en voet zijn helemaal wit en koud.’
ga met je mee en blijf tot je geholpen bent!’
Kees zocht wat spullen bij elkaar en zorgde dat ik mijn portefeuille met papieren enz, in een een tasje meekreeg.
De huisbel ging en daar stonden twee man en een vrouw van ’t doktersteam. verder twee man ambulance personeel met een brancard. De arts onderzocht mij en stelde een afwijking in de slagaders van mijn been vast. ‘Een bloedvat zit verstopt en nu stroomt er achter die vernauwing minder bloed. Pijn zit ook in de voet en door een slechte doorbloeding wordt het been bleek. Dus er is sprake van spoed’ sprak hij tot het ambulance personeel. ‘ Meneer onmiddellijk afvoeren naar het ziekenhuis.’
Zij tilden mij op de brancard bonden mij vast met een paar riemen en reden met versnelling naar de lift. Ik gaf nog een knik naar Kees en bedankte hem. Even later werd ik in de ziekenwagen geschoven. De broeder gaf een prikje, de bloeddruk werd gemeten en mijn temperatuur opgenomen.
Met een rotgang werd ik bij de eerste hulp naar binnen gereden en daar besprongen door allerlei hulpverleners met slangen spuiten en wat al niet meer.
Er werden vragen gesteld en de rest weet ik niet meer want ik lag dizzy onder een Scan apparaat, later hoorde ik dat ze wel meer dan twee uur met me bezig geweest zijn. Mijn bloeddruk was veel te laag door bloedverlies en het niet goed doorstromen.
Wil was intussen naar huis gegaan en heeft Neeltje op de hoogte gebracht.
De volgende dag dus dinsdag kwam May mij opzoeken en zag haar Pa als een verschrikt vogeltje met allemaal slangen

"De kijkcijfers zijn goed.” Ik lag een beetje te doezelen en probeerde mijn ogen open te houden maar dat lukte nauwelijks.
Twee knapen kwamen mijnheer Lassing halen voor verdere onderzoeken. Ik heb die dag wel onder drie apparaten gelegen. Trek in eten had ik niet, wel kreeg ik medicijnen, prikken en bloedtransfusie toegediend. Ook tegen de pijn werd wat gedaan en ik begon weg te dromen, dat viel ook niet mee want ik droomde over vier jaar geleden toen ik ook met zwaailichten naar het ziekenhuis was vervoert, nadat ik getroffen was door een aneurysma van de aorta in de buik Ook toen was het een hevig gevecht en een ieder dacht dat redt hij niet. Maar ik bleef leven dankzij mijn beschermengel
die vertelde dat ze me boven nog niet hebben wilden. Maar het rookduiveltje moest ik verdrijven. Onrustig draaide ik me om en begon over mijn beste vriend de sigaret te dromen. Stoppen dat leek mij onmogelijk. Na een paar dagen onthouding sloeg het verslavingduiveltje weer toe.
Bidden, smeken, schelden en tieren niets hielp.
Nou ééntje dan. En toen was het er weer, de geur de rook, de smaak, het wonder dat mij telkens weer in betere sferen wist te brengen. Mijn droom werd weer verstoord ik werd opgehaald voor een vaatonderzoek in de benen (echo) Neeltje mocht ook mee.
Ik werd weer naar de ziekenzaal gebracht en het bezoek nam afscheid. De zuster gaf mij nog twee Paracetamol tabletten en wenste welterusten. Even later was er weer mijn beschermengel, ze was erg tevreden over mijn niet meer roken en drinken.

